Energiebeheer in 2025: van verplichting naar strategisch stuurinstrument 

Home | Energiebeheer in 2025: van verplichting naar strategisch stuurinstrument 
energieconsultant

In gesprek met energieadviseur Robert Leemburg over hoe organisaties met meerdere locaties slim omgaan met energiebeheer en energiemonitoring. 

In veel organisaties is energiebeheer nog iets wat ‘moet’. Vanwege de EED, informatieplicht, of ‘erbij’ wordt gedaan door een collega met een beetje tijd. Maar wie echt grip wil op verbruik, kosten en verduurzaming, moet het omdraaien: van verplichting naar stuurinstrument.  

Robert Leemburg weet dat als geen ander. Als energieconsultant werkt hij al jaren samen met Energiemissie en helpt hij gemeenten, waterschappen en andere bedrijven met meerdere locaties die overzicht zoeken. Hij traint teams die starten met onze software, begeleidt implementaties en adviseert. Altijd met één doel: zorgen dat energiebeheer geen sluitpost is, maar een strategisch hulpmiddel. 

Inzicht in energieaansluitingen als startpunt voor grip op energieverbruik  

Robert, wat zie jij bij organisaties die met energiebeheer aan de slag willen?

Veel organisaties zijn in de afgelopen jaren gegroeid in hun duurzaamheidsambities. Maar die ambities stranden vaak op hetzelfde punt: op een gebrek aan overzicht en niet weten waar ze moeten beginnen. Ik kom nog vaak op plekken waar niemand precies weet hoeveel energieaansluitingen er zijn, waar ze zitten, of wat ze kosten. En dan praten we soms over honderden objecten – van rioolgemalen tot sportkantines.

En waarom is dat zo’n groot probleem?

Omdat je zonder overzicht niets kunt sturen. Het is alsof je een huis wilt renoveren zonder te weten of er überhaupt een fundering ligt. Je moet eerst de ‘chaos’ structureren: welke aansluitingen zijn er, welke contracten horen daarbij, klopt de capaciteit, wat is het verbruik. Pas dan kun je analyseren en optimaliseren.

Het verschil tussen energiebeheer en energiemanagement

Veel mensen gebruiken hierin de termen energiebeheer en energiemanagement door elkaar. Hoe kijk jij daarnaar? 

Het zijn twee verschillende disciplines. Ik noem het altijd energiezorg: een combinatie van energiebeheer en energiemanagement. Energiebeheer gaat over het administratieve en technische fundament: welke aansluitingen heb je, waar zitten ze, hoe zijn ze gecontracteerd, klopt de facturatie, enzovoort. Het is de ruggengraat van je energiezorg. Energiemanagement gaat juist over gedrag: wat verbruiken we, wanneer, en waarom. En hoe sturen we daarop. Sommige organisaties focussen op het tweede, terwijl het eerste ontbreekt. Je hebt ze allebei nodig, want zonder goed energiebeheer kun je eigenlijk niet goed managen. 

Wat gebeurt er als energiebeheer ontbreekt? 

Dan blijf je symptoombestrijding doen. Je ziet hoge verbruiken en afwijkingen, maar kunt ze niet verklaren. Dat maakt organisaties kwetsbaar. En het zorgt ervoor dat investeringen in verduurzaming hun effect missen, omdat de basisdata niet betrouwbaar is. 

Energiebeheer implementeren: aanpak, valkuilen en succesfactoren 

Wat weerhoudt organisaties ervan om te starten? 

Er zijn meerdere drempels. Sommige organisaties voelen nog niet voldoende urgentie. Ze weten dat energiebeheer ‘moet’, maar zien het niet als prioriteit. Andere organisaties zien er juist tegenop vanwege de complexiteit: ze denken dat het standaard veel kost, dat er veel technische kennis nodig is, of dat ze de capaciteit niet hebben. Maar in de praktijk valt dat vaak mee. De implementatie lijkt technisch, maar draait vooral om samenwerking. Als je zorgt dat de juiste mensen aan tafel zitten en de beschikbare data goed verzamelt, kun je snel stappen maken. De winst kan dan direct merkbaar zijn. 

Hoe ontwikkelt zo’n traject zich verder? 

Opdrachtgevers komen via verschillende wegen binnen. Iemand binnen de organisatie ziet de potentie, of wordt getriggerd door een verplichting zoals de EED, en dan gaan we aan de slag. Gaandeweg wordt door veel organisaties ingezien dat er veel meer winst te halen is. Net als bij de IKEA: je komt voor een kastje, maar gaat naar huis met een hele slaapkamer. Wat hier begint als een vraag over energiemonitoring, eindigt vaak in veel meer: structuur aanbrengen in het energiebeheer, facturen die kloppen, en een organisatie die grip krijgt op energieverbruik, kosten en prestaties. En dat is winst. 

Wat is er nodig om energiebeheer goed van de grond te krijgen? 

Een combinatie van goede begeleiding, heldere verwachtingen en samenwerking met de opdrachtgevers. Als er intern draagvlak is en iemand eigenaarschap pakt, dan gaat het vlot. Maar als het wordt neergelegd bij iemand ‘erbij’, zonder tijd of mandaat, dan wordt het al een ander verhaal. Een ander belangrijk verschil is de kwaliteit van de input. Een lijstje met aansluitingen is een begin. Maar als het vol fouten zit, bouw je op drijfzand en moet je alsnog terug naar de tekentafel. Het klinkt misschien als veel, maar het is precies dat soort zorgvuldigheid die ervoor zorgt dat het systeem straks ook echt werkt in de praktijk en je die winst kan behalen. 

Energieverbruiksdata omzetten in energiebesparing 

En wat gebeurt er als het systeem eenmaal staat? 

Dan begint het eigenlijk pas. Een monitoringsysteem zonder opvolging is als een dashboard zonder bestuurder. Je hebt data, maar geen richting. Ik geef aanvullende trainingen, het liefst op locatie, om gebruikers mee te nemen in wat ze zien. Ik laat ze hun eigen verbruiksdata zien, stel vragen: waarom piekt dit gebouw elke zondag? Waarom is hier een hoge piek in verbruik terwijl het gebouw gesloten is? Dáár begint bewustwording. 

Wat leveren die inzichten organisaties op? 

Een van de eerste dingen die we vaak doen is kijken naar gecontracteerde vermogens, capaciteiten en waardes van hoofdzekeringen. Heel veel aansluitingen zijn bijvoorbeeld te groot gekozen. Dat aanpassen levert directe besparing op, waarbij uiteraard rekening gehouden wordt met netcongestie. Ook zie je vaak sluipverbruik: een gebouw dat ’s nachts of in vakanties stroom verbruikt zonder goede reden. Als je dat weghaalt, bespaar je zonder te hoeven investeren. Gemiddeld zien we dat organisaties zonder grote investering al 10% kunnen besparen. En als je dat combineert met onderbouwde investeringen, loopt dat nog verder op.  

Juist in tijden van hoge energieprijzen en budgetdruk is energiebeheer dus een kans. Steeds meer organisaties koppelen energiemonitoring aan meerjarenonderhoudsplannen (MJOP) of vastgoedbeleid. Door energieverbruik te integreren in je MJOP, kun je subsidies als DUMAVA of SDE++ beter benutten en onderbouwd sturen op vervangingsmomenten of verduurzamingsmaatregelen. 

Tango werkt al meer dan 10 jaar samen met Energiemissie – bekijk hier hoe dat er in de praktijk uitziet.

tango tankstation

Energiebeheer borgen en regie houden in de organisatie 

Hoe zorg je ervoor dat kennis behouden blijft binnen de organisatie na de implementatie? 

Dat is een belangrijk punt. Uiteindelijk moet energiebeheer niet afhankelijk zijn van één persoon of van een extern adviestraject. Het moet onderdeel worden van je vaste processen, net als financiën of HR. Een concrete overdracht na het inrichten van de software is key: dat één of meerdere medewerkers snappen hoe het werkt, hoe ze rapporteren, hoe ze afwijkingen zien. Soms help ik zelfs mee om een interne energiecoördinator aan te stellen en in te werken. Dan weet je zeker dat de organisatie zelf de regie in handen krijgt. 

Trends en ontwikkelingen: waarom energiebeheer steeds belangrijker wordt anno 2025 

De energiemarkt verandert snel. Wat zie jij gebeuren? 

We bewegen van vaste prijzen naar dynamische modellen. Dat betekent dat energieprijzen per uur of zelfs kwartier wisselen. Als de energieprijs elk uur verandert, moet je precies weten wanneer je wat verbruikt en daarop sturen. Daarnaast zie je steeds meer zelfleveringsmodellen: opdrachtgevers die stroom afnemen van een zonnepark waar ze mede-eigenaar van zijn bijvoorbeeld. Dat maakt facturatie en monitoring een stuk ingewikkelder. Je moet precies weten hoeveel je wanneer opwekt, wat je zelf verbruikt, wat je teruglevert en hoe dat wordt gecompenseerd. Verder is netcongestie ook nog steeds een aandachtspunt.  

En wat betekent dat voor organisaties? 

Dat ze beter grip moeten hebben op hun data. Als je niet weet wat je verbruikt, op welk moment en tegen welke prijs, kun je niet sturen. En je kunt het ook niet goed controleren. De tijd van ‘even afvinken’ is echt voorbij. Zeker in een tijd waarin netcongestie, dynamische energieprijzen en zelfleveringsmodellen het speelveld veranderen, is wachten geen optie meer. Je moet kunnen aantonen wat je doet, waarom je het doet en wat het oplevert. De markt vraagt om veel meer wendbaarheid en inzicht dan een paar jaar geleden. En dan is energiebeheer geen nice-to-have meer, maar echt een strategisch fundament. Professionalisering van de rol van energiecoördinator heeft hierin een groot aandeel. 

Slimme software, praktische begeleiding: de aanpak van Energiemissie 

Wat maakt de aanpak van Energiemissie daarin waardevol, volgens jou? 

De kracht zit in de combinatie van de software en het menselijk contact. De software doet wat het moet doen: monitoring visualiseren, rapporten maken, facturen controleren. Maar het verschil maak je met betrokken mensen die snappen wat er speelt bij de opdrachtgever.  

Tot slot: wat zou je willen zeggen tegen organisaties die nog twijfelen? 

Wachten op het perfecte moment of een volledig dossier is een valkuil. Begin klein. Wacht niet tot je alles perfect in beeld hebt. Start met wat je wel weet, en bouw daarop verder. Energiebeheer is geen groot monster, het is juist iets dat overzicht en rust brengt. Want zonder grip, geen regie. En zonder regie, geen verduurzaming. 

Andere relevante artikelen